Een paar weken geleden werden er aardappelen op de Dam in Amsterdam gedumpt. Op Foodlog ontspon zich een discussie daarover. Ergens werd de vraag gesteld: Wat is er mis met de Nederlandse land- en tuinbouw? Er is niet zoveel mis met de Nederlandse land- en tuinbouw. Boeren produceren, en zo veel mogelijk. Dat is van alle tijden en dat zal alleen maar enorm toenemen, dankzij nieuw landbouwareaal en nieuwe technieken. Er komt een enorm overschot en dat creëert als vanzelf lage prijzen.
Deze lage prijzen zorgen er niet direct voor dat consumenten er wat aan hebben, behalve als de spullen een keer op de Dam gedumpt worden (het laatste stadium van dumpen, als de export van de producten niet meer lukt). Helaas hebben ook de hongerende delen van de wereld weinig aan de lage prijzen. De producten komen daar niet terecht. Overigens zal de concurrentie op de exportmarkten alleen maar toenemen. Dus de relatieve rust die we daar als Nederland gekend hebben zal nu snel voorbij zijn.
Stopt dat de overproductie? Nee die kans is klein. Produceren zit zoals gezegd in de genen. Zolang de laatste aardappel nog iets opbrengt gaat men door. Pas als de bank stopt met financieren, de machines niet meer onderhouden kunnen worden, de boer oververmoeid op de grond valt, stopt het waarschijnlijk. Maar meestal wordt hij dan overgenomen door een andere boer die het tijdelijk wat handiger aanpakt, maar met dezelfde drive zal produceren.
Op zich is er ook niets tegen die productie. Hoe mooi is het niet als je bijna oneindig kan produceren. Wie is daar tegen? Zeker niet als het steeds duurzamer gaat. En ligt de overproductie te rotten langs de weg? Zou ook erg onduurzaam zijn, maar dat is niet het geval. Dat er veel weggegooid wordt is misschien een gevolg van de lage prijzen (inkoop is niet zo'n kritische succesfactor), maar ook dat is nog maar de vraag. Bovendien, als er minder wordt weggegooid wil dat nog niet zeggen dat er minder geproduceerd zal worden.
Misschien gaat het ook niet over het begrip overproductie, maar meer over het begrip productiecapaciteit. En het verwaarden van deze capaciteit. Hoewel vaak het woord productiebeheersing opduikt, is dit niet het antwoord. Temeer daar in een neoliberale wereld het woord beheersing niet zo veel fans heeft (en helemaal niet als het ook nog over regulering door de overheid gaat). Het gaat er meer om hoe je zo goed mogelijk met je capaciteit omgaat. Te beginnen natuurlijk met de eenvoudige rekensom wat de kosten of opbrengsten zouden zijn als je je capaciteit zou verlagen. Of kijken naar producten die een betere opbrengst hebben. Dat kan liggen in gewoon betere groenten of in gewassen die voor energievoorziening handig zijn. Van energie hebben we nooit genoeg, maar twee biefstukken per dag is toch wel het matje. Tenslotte kan je ook kijken naar andere doeleinden: natuur, meer plek voor dieren, of water en luchtreiniging. De laatste twee zullen de komende jaren ook wel wat gaan opleveren. Of desnoods iets met recreatie.
Is er dan helemaal niets mis? Natuurlijk wel. En dat is de inflexibileit van het systeem. Dat natuurlijk sterk wordt beïnvloed door weer en natuuromstandigheden (totaal anders dan in andere industrieën). Maar toch. We moeten naar betere voorraad en opslagsystemen. Minder monocultuur. Tijdelijke andere bestemmingen voor de landbouwgrond. Vergeet even de betere afstemming van vraag en aanbod. Vergeet ook even een verbeterde relatie tussen boer en consument. Niet onnuttig op zich, maar het zijn te kleine oplossingen. Als marketeer zeg ik je dat de vraagzijde niet onbelangrijk is (kijk er met een schuin oog naar), maar je moet het probleem van uit de productiekant gaan bekijken. From scratch.
De discussie op Foodlog vindt u hier.
'Consumentenvertrouwen' is een mooi begrip. En voor mij toch altijd de graadmeter voor hoe het erbij staat. Onder het motto: consumenten leven het dichtste bij de echte wereld. Het consumentenvertrouwen is al sinds 2007 onder het nulpunt en daalt nog steeds. En af en toe gaat het van negatief naar iets minder negatief. Een laag consumentenvertrouwen is slecht voor de economie. Of beter gesteld: slecht voor onze om- en afzet. Wij, producenten, verkopers, marketeers en adviseurs, worden daar behoorlijk moe van. Wij, producenten, verkopers, marketeer en adviseurs proberen dan de moed er wat in te houden. Soms tegen beter weten in.
[ Lees meer ]

Reageer